030 – 6622337 info@swapschade.nl

In augustus bleek ABN AMRO een potje opzij te hebben gezet om de schade door renteswaps te compenseren. Pieter Lakeman kan zonder problemen voorrekenen hoe groot deze voorziening in werkelijkheid zou moeten zijn. De Nederlandse belegger moet extra waakzaam zijn voor misleidende praatjes, waarschuwt hij.

Op 26 augustus had Joris Heijn op FTM.nl een interessante primeur: ABN AMRO had een bedrag(je) opzij gezet om de door renteswaps veroorzaakte schade te financieren. Een voorziening dus in de balans die speciaal ter gelegenheid van de komende beursintroductie is gevormd. In de jaarrekening 2014 van ABN AMRO was er nog geen melding van gemaakt. Het is opmerkelijk dat andere media nauwelijks of geen aandacht aan deze kleine voorziening hebben besteed.

Het grootste bedrog en de grootste schadepost: de verkoop van renteswaps, valt er in elk geval niet onder

Wanneer in individuele gevallen fouten zijn gemaakt zal dat worden gecompenseerd, bezweren de grootbanken. Maar wat wordt er eigenlijk bedoeld met ‘individuele gevallen’? Het grootste bedrog en de grootste schadepost, de verkoop van renteswaps, valt daar in ieder geval niet onder. Dat blijkt reeds uit de bescheiden afmetingen van het potje (tientallen miljoenen euro’s volgens Heijn). Ook de schade door het willekeurig verhogen van renteopslagen omdat ABN AMRO zelf in moeilijkheden kwam (liquiditeits- en marktopslagen) valt vermoedelijk niet onder individuele gevallen, want om die schade te compenseren zijn honderden miljoenen euro’s nodig.

Het potje is dus voornamelijk bedoeld om schade door over-hedging te compenseren. Daar valt overigens meer schade te compenseren dan veel ondernemers denken en meer dan de banken hen nog steeds proberen wijs te maken. Bovendien trachten ABN AMRO en de Rabobank de indruk te wekken dat de schade aan het eind van de looptijd van een swapcontract naar nul gaat en je na afloop van het contract geen schade meer hebt. Dat is grote onzin. De schade groeit gewoon door met de wettelijke rente.

Schade door swapcontracten ABN AMRO

Op 28 mei 2014 maakte de Autoriteit Financiële Markten (AFM) het volgende bekend: ‘Er staan momenteel ongeveer 17.000 rentederivaten uit bij niet-professionele MKB-ondernemingen. Het onderliggende bedrag aan financiering waar deze derivaten betrekking op hebben is circa €26 miljard. De huidige waarde van deze uitstaande derivaten was in april 2014 €2,7 miljard negatief.’

De negatieve waarde van de uitstaande renteswapcontracten bedroeg dus ruim 10 procent van de onderliggende bedragen. Die negatieve waarde van een renteswap is gelijk aan het (door de bank berekende) bedrag aan netto renteswapbetalingen gedurende de resterende looptijd van het swapcontract. Bijna alle renteswapcontracten hadden een looptijd van 10 jaar. De resterende looptijd in april 2014 bedroeg gemiddeld 3,2 jaar, dus 32 procent van de looptijd. Maar ook in de voltooide 68 procent van de looptijd heeft de klant renteschade geleden.

Doordat de Euriborrente vóór medio 2009 hoger was dan daarna, was de jaarlijkse renteschade tot medio 2009 echter wel iets lager dan daarna. Daarom moet de negatieve waarde van de gemiddelde renteswap in april 2014 op 40 procent van de totale swapschade geschat worden. De totale schade van de in april 2014 uitstaande renteswapcontracten voor het niet-professionele mkb bedroeg dus 2,7 / 0,40 = 6,75 miljard euro. Dat getal moet aan de AFM bekend zijn geweest.

De totale schade is 30 procent van de onderliggende bedragen en niet ruim 10 procent

Na april 2014 is de werkelijke schade echter nog verder opgelopen. De negatieve waarde van een swapcontract wordt namelijk berekend met behulp van de Liborrente op het moment van berekening. Doordat de Liborrente na april 2014 verder is gedaald en de renteschade verder is gestegen gaat het inmiddels om bijna 7 miljard euro. Omdat mijn berekening gebaseerd is op de vergelijking van een renteswapcontract versus de CAP-premie moeten de kosten van de CAP-premies van een kleine miljard euro hier nog van afgetrokken worden. (De CAP-premie is de premie die de klant gedurende de looptijd van de lening elk jaar betaald zou hebben wanneer hij veilig tegen stijgende rente ingedekt zou zijn en ook nog van dalende rente geprofiteerd zou hebben. Die premie heeft ruwweg tussen 0,2% en 0,5% geschommeld, terwijl veel ondernemers nu 4 of 5% rente toeleggen op hun swapcontracten.) Het totaal moet dan nog wel verhoogd worden met wettelijke rente over (ongewogen) vier jaar. Dan kom je uit op 8 miljard euro. Dat is ruim 30 procent van de onderliggende bedragen en niet ruim 10 procent.

Er is voor de AFM een schone taak weggelegd: de werkelijke swapschade voor het niet-professionele mkb onthullen. Die moet, mede door de rentedaling sindsdien, voor het zogenaamde niet-professionele MKB op 8 miljard euro geraamd worden inclusief wettelijke rente.

De totale swapschade voor het gehele MKB komt uit op circa 14,5 miljard euro

Daarnaast stond bij het zogenoemde ‘professionele’ mkb circa 25 miljard euro aan swapcontracten uit. Die waren gemiddeld iets eerder tot stand gekomen. Doordat de rente in de beginjaren niet zo laag was als de laatste jaren is de renteschade op de eerder afgesloten swapcontracten relatief kleiner. De swapschade voor het ‘professionele’ mkb moet daarom op 6 miljard euro geschat worden. De totale swapschade voor het gehele mkb komt dus uit op circa 14 miljard euro. Tel daar de schade door willekeurige renteverhogingen en over-hedging bij op en je komt op ruim 14,5 miljard euro uit. Het grootste deel moet door de Rabobank vergoed worden. Op basis van het marktaandeel en de klantgrootte kan de verplichting van ABN AMRO op 4 à 5 miljard euro geschat worden.

Beursintroductie ABN AMRO

Dat de banken echt zouden geloven dat ze aan het eind van dit jaar van de renteswapellende af zijn is niet mogelijk. Die bewering kan alleen maar gelanceerd zijn om de beursintroductie van ABN AMRO te ondersteunen. Het is wel toevallig dat de dag na het artikel van Joris Heijn bekend werd dat ING en de Rabobank meehelpen aan de beursintroductie van ABN AMRO. (Dat Goldman Sachs aan de kant is gezet verheugt me uiteraard, aangezien ik onlangs in FTM tegen hun deelname had gewaarschuwd.) Het is opmerkelijk dat ABN AMRO de steun van haar Nederlandse collega’s nodig heeft om haar beursintroductie tot een succes te maken. Dat betekent dat de Nederlandse belegger extra waakzaam moet zijn voor misleidende praatjes. Ook ING, en vooral de Rabobank, hebben er belang bij dat de Nederlandse beleggers vooral niet gewezen worden op de enorme claims tegen ABN AMRO die in de lucht hangen.

Het is opvallend dat de AFM sinds van Vroonhovens aantreden over de totale swapschade de kaken stijf op elkaar houdt

Het is nu voor de ABN AMRO alle hens aan dek. Daarbij wordt de bank ook door de AFM gesteund. Direct na het DSB-debacle was de AFM nog van oordeel dat Gerrit Zalm niet geschikt was om als bankier op te treden, maar na het aantreden van Merel van Vroonhoven bij de AFM is het tij voor de banken in positieve zin gekeerd. Het is opvallend dat de AFM zich sinds haar aantreden alleen heeft uitgelaten over de negatieve waarde van de uitstaande derivaten en met betrekking tot de totale swapschade de kaken stijf op elkaar houdt.

Niet alleen is de totale renteswapschade vele malen groter dan de negatieve waarde van de uitstaande rentederivaten, maar ook is duidelijk dat de schade voor ABN AMRO een factor 100 groter is dan het eind augustus door de pr-afdeling van de bank aangestuurde potje ons moet doen geloven. En moeten gewoon twee nullen bij. Dan krijgen we een goede pot.

Pieter Lakeman is voorzitter van www.sobi.nl en van www.swapschade.nl

Email ons:

Indien u vragen heeft over uw persoonlijke verhaalsmogelijkheden aangaande de door u geleden swapschade, mail ons dan door het hieronder geplaatste email formulier in te vullen en te versturen.

Email ons